Eemland Mediation
Nieuws & Artikelen

Blog door Tineke Kool| MfN Registermediator 

033-2600607

CONTACT

MfN Register Mediator bij Scheiden | Amersfoort | Zeist | Leusden | Soest | Woudenberg

Abonneren

Nieuwe artikelen

Abonneren

Volg ons nieuws!

Laatste reacties:

    Bron: www.rechtspraak.nl/Organisatie/Hoge-Raad

    Den Haag , 10-9-2015

    Het kindgebonden budget inclusief de alleenstaande ouderkop moet bij de berekening van de kinderalimentatie niet in mindering komen op de kosten van het levensonderhoud van kinderen (de behoefte). Dat adviseert advocaat-generaal Fred Hammerstein de Hoge Raad. Volgens hem moet het kindgebonden budget worden opgeteld bij het inkomen van de ouder die het budget ontvangt en op die manier meewegen bij diens draagkracht.  Dit advies wijkt af van de aanbeveling van de Expertgroep alimentatienormen.

    In deze zaak zijn prejudiciële vragen gesteld aan de Hoge Raad omdat in de rechtspraak en literatuur over dit onderwerp verschillende opvattingen bestaan.  Aan de Hoge Raad wordt nu gevraagd hierover een duidelijke uitspraak te doen.

    Wanneer het kindgebonden budget in mindering wordt gebracht op de kosten van het levensonderhoud van kinderen heeft dat tot gevolg dat er veel minder of geen alimentatie meer hoeft te worden betaald. Het kindgebonden budget laten meewegen  bij de draagkracht van de ouder die het budget ontvangt, doet volgens advocaat-generaal Hammerstein het meeste recht aan het wettelijke uitgangspunt dat beide ouders  verantwoordelijk zijn voor het levensonderhoud van hun kinderen. Na echtscheiding moeten zij in de kosten daarvan naar draagkracht bijdragen. Volgens hem heeft de wetgever het kindgebonden budget primair bedoeld als inkomensondersteunende maatregel. Tenslotte levert deze manier van berekening in de meeste gevallen een redelijke uitkomst op.

    Een conclusie is een rechtsgeleerd advies aan de Hoge Raad. De advocaat-generaal is lid van het parket bij de Hoge Raad. Het parket bij de Hoge Raad is een zelfstandig, onafhankelijk onderdeel van de rechterlijke organisatie. Het behoort niet tot het Openbaar Ministerie. Het parket bij de Hoge Raad kan zich over een door de Hoge Raad te beoordelen zaak niet anders uitlaten dan in het kader van de conclusie en is dan ook niet in de gelegenheid tot het geven van commentaar.

    Reacties

                           

    Vandaag is de website www.mediationnederland.nl live gegaan. De Mediatorsfederatie Nederland (MfN) heeft deze nieuwe publiekswebsite ontwikkeld met steun van het ministerie van Veiligheid en Justitie. De website is onderdeel van de 'campagne ter bevordering van mediation' in het kader van de Innovatieagenda Rechtsbestel. Het doel van de website is het publiek meer bekend te maken met mediation. 

    Laagdrempelig
    Mediationnederland.nl is tot stand gekomen in samenwerking met mediators en een team van ervaren SEO-specialisten. De website is laagdrempelig, begrijpelijk en herkenbaar geschreven voor iedereen met duidelijke voorbeelden. 

    Vindbaarheid mediators
    Een belangrijk onderdeel van de website is de mogelijkheid om direct een mediator te kunnen zoeken. Alle mediators die op de publiekswebsite via de optie 'vind een mediator' getoond worden zijn MfN-registermediator. Dat betekent dat de MfN-registermediator vanaf nu dus makkelijk en snel vindbaar is op www.mediationnederland.nl.

    Volg en deel Mediation Nederland
    Om  de bekendheid met mediation nog verder te vergroten Nederland, is Mediation Nederland ook op Facebook te volgen. Wij vragen u deze artikelen op Facebook/Mediation Nederland vooral te delen! 

    Bron: Mediation Federatie Nederland                                                
                                                   






    Reacties

    Het is goed dat mensen worden gestimuleerd mediation te kiezen als middel om hun geschillen op te lossen als hun zaak zich daarvoor leent. Cruciaal is dat mediation vrijwillig blijft. Alleen als beide partijen bereid zijn deel te nemen, maakt mediation kans van slagen. Een bij voorbaat kansloze bemiddeling leidt tot onnodige extra kosten. Het belang van de rechtzoekende moet steeds voorop staan en de toegang tot de rechter moet daarbij altijd gewaarborgd zijn.

    Dat staat in het wetgevingsadvies van de Raad voor de rechtspraak naar aanleiding van initiatiefwetsvoorstellen van VVD-Kamerlid Van der Steur. Hij wil met zijn voorstellen mediation een formele status geven. Mediation is het buiten de rechter om regelen van een dispuut. Een echtpaar dat gaat scheiden en er niet in slaagt samen de omgangregeling met kinderen of de alimentatie te regelen, kan de rechter om een uitspraak vragen. Wat ook kan, is dat het echtpaar met een mediator om tafel gaat zitten om te kijken of een uitspraak van de rechter echt nodig is. In de regel is een gang naar de rechter duurder dan een bemiddelingstraject. Ook rechters verwijzen door naar mediators als ze dat kansrijk achten.

    Aandacht

    De Raad is verheugd dat Van der Steur in zijn initiatiefwetsvoorstellen rekening houdt met een advies van de Raad van ruim een jaar geleden. Zo stellen de wetsvoorstellen mediation niet verplicht en voorzien ze in registratie van gekwalificeerde mediators. De Raad vroeg daar destijds aandacht voor toen Van der Steur zijn initiatiefnota indiende.

    Stimuleren van mediation

    De Raad voor de rechtspraak vindt dat mensen moeten worden gestimuleerd te kiezen voor mediation. Hij mist in de wetsvoorstellen ideeën die de alternatieve wijze van conflictbeslechting onder de aandacht brengen bij bijvoorbeeld advocaten, incassobureaus en het Juridisch Loket en vraagt Van der Steur dit toe te voegen aan zijn voorstellen.

    Juridisering

    Een punt van zorg van de Raad is een te sterke juridisering van mediation. De eisen waaraan een geregistreerde mediator volgens de wetsvoorstellen zal moeten voldoen, lijken juridische kennis en een specialisatie op rechtsgebieden als uitgangspunt te hebben. Die kennis is belangrijk, maar de Raad meent dat juist de bijdrage van gedragskundige disciplines, zoals psychologie en orthopedagogie, waardevol is. Mensen met kennis van deze disciplines lijken nu geen geregistreerd mediator te kunnen worden, tenzij ze behoorlijk juridisch geschoold zijn. Hier moet naar een goed evenwicht worden gezocht. Daarnaast speelt dat partijen die de gang naar de rechter maken, vaak al hoog oplopende ruzie hebben. Indien deze zaken naar mediation worden verwezen, vergt dit ook andere dan juridische vaardigheden van de mediator. De Raad meent dat de kracht van mediation nu juist gelegen is in het feit dat het niet alleen over juridische posities gaat.

    Verschillen tussen rechtsgebieden

    De Raad brengt verder onder de aandacht dat mediation in het bestuursrecht anders is dan in het civiele recht. Bij bestuursrecht (waarbij een overheidsorgaan is betrokken) zijn vaak meerdere partijen betrokken. Dit betekent ook dat meer partijen kunnen deelnemen. Onduidelijk is wie er  kunnen deelnemen, en wat de uitkomst van een mediation voor personen of bedrijven betekent die niet hebben deelgenomen. Ook is van belang te onderkennen dat een overheidsorgaan gehouden is zonder vooringenomenheid het recht toe te passen en publiekrechtelijke macht uitoefent. Dit is wezenlijk anders dan in het civiele recht, waarbij partijen alleen voor zichzelf hoeven op te komen. De Raad adviseert dan ook in de wetgeving per rechtsgebied specifieker aandacht te besteden aan de beoogde toepassing van mediation.

    Bron: De Raad voor de Rechtspraak  www.rechtspraak.nl